'AIS heeft binnenvaart grof geld gekost'

woensdag, 18 februari 2026 (12:02) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

De drogeladingschepen Vertrouwen (eigenaar Teun de Vries, 66) en Jacob Gzn. (eigenaar Gertjo Knol, 64) liggen naast elkaar in de Nieuwe Houthaven. De twee kennen elkaar sinds hun tijd op het Prins Bernhard Internaat in Maasbracht en voeren nog steeds de schepen van hun vaders; beiden varen in de vrije vaart met voornamelijk veevoer. Teun vaart met zijn vrouw Alie de Weerd vooral op de Maas, Gertjo met zijn vrouw Annet Brugs werkt al twintig jaar voor mengvoederfabriek Gebroeders Fuite in Genemuiden. De toevoeging "Gzn." in de scheepsnaam betekent Gerritszoon.

Beide schippers waarderen de afwisseling van het werk — zee en weersomstandigheden maken elke reis anders — maar noemen ook negatieve veranderingen in de binnenvaart. Voor hen is het invoeren van AIS (Automatic Identification System) een keerzijde: aanvankelijk handig en vrijwillig, maar volgens hen nu te veel gebruikt als instrument van controle. Met AIS en publieke trackers als Marine Traffic en Vesselfinder kunnen instanties en bevrachters schepen precies volgen, wat volgens Teun en Gertjo leidt tot controle op vaartijden en tot uitbuiten door bevrachters die schepen tegen elkaar uitspelen en zo de vrachtprijzen drukken.

Teun illustreert dat controles op vaartijden misplaatst kunnen zijn: op korte trajecten — hij noemt Amsterdam–Genemuiden — valt weinig te controleren, maar toch krijgt hij opmerkingen over "weinig reizen" terwijl hij jarenlang hoog aantal uren maakt. Gertjo en Teun vinden dat AIS voordelen heeft voor veiligheid en navigatie, maar zijn fel tegen het gebruik ervan als handhavings- en concurrentietool.

Persoonlijke ervaringen tonen de risico’s van het vak. Gertjo is zijn loopbaan zonder aanvaringen doorgekomen; Teun niet. Hij vertelt over een flinke botsing in de jaren ’90 op de Neckar, waarbij een passagiersschip zijn schip raakte. Hoewel de verantwoordelijke partij duidelijk was, liep de afwikkeling via het gerecht slecht af en moest hij de schade zelf dragen — een bittere herinnering die hem later ook als aflosser op passagiersschepen terugbracht.

Beide schippers benadrukken de vrijheid die het varen vroeger gaf, maar zijn kritisch over de huidige arbeidspraktijk. Gertjo zegt dat het vroeger vanzelfsprekend was na school aan boord te gaan, maar raadt het zijn kinderen nu niet aan: het werk eist vaker permanente beschikbaarheid en het sociale aspect is afgenomen. Teun merkt dat de onderlinge gezelligheid en het samenleggen van ligplaatsen vroeger veel sterker waren; nu staat doorvaren en snel naar huis gaan in het weekend meer centraal.

Kortom: twee ervaren binnenvaartschippers delen trots op hun ambacht en de variatie van het werk, maar maken zich zorgen over toezicht, marktwerking en veranderende arbeidscultuur binnen de sector — effecten waarvoor ze AIS en moderne trackingdiensten mede verantwoordelijk achten.