Binnenvaartbouwer RensenDriessen ziet vraag naar zeetankers en riviercruiseschepen groeien
In dit artikel:
RensenDriessen in Zwijndrecht ontwerpt, bouwt en levert op bestelling schepen en leverde het afgelopen jaar zestig exemplaren, vooral voor de binnenvaart maar steeds vaker ook voor kust- en zeevaart. Managing partner Wim Driessen en scheepsmakelaar Edwin Diepeveen schetsen een bedrijf dat het volledige traject van advies tot aflevering kan verzorgen: van een bibliotheek van ongeveer 1.200 bouwtekeningen en maatwerkontwerpen tot coördinatie van casco‑transporten en de afbouw via geselecteerde werven in Nederland.
Het bedrijf heeft zich de laatste jaren verder gespecialiseerd in gasschepen (LNG-bunkering, transport van gas en ammoniak). Gastanks worden intern ontworpen; de bouw daarvan en van casco’s vindt veelal in Azië plaats, waarna RensenDriessen via partnerwerven in China, Polen en Roemenië kiest waar capaciteit en prijs-kwaliteit het beste aansluiten bij de opdrachtgevers. Het gecombineerde vervoer van casco’s naar Nederland regelt het Zwijndrechtse team zelf. Diepeveen vergelijkt het logistieke werk met een Tetris‑puzzel: telkens unieke stapelingen van casco’s, met sterkte- en krachtberekeningen, routes en timing die moeten kloppen. Vorig jaar voerden ze acht van zulke transportoperaties uit; ongeveer 90% van de vervoerde casco’s waren bestellingen van eigen klanten.
Markttrends: de vraag naar riviercruiseschepen stijgt weer fors na een coronadip, vooral voor toeristen uit de VS, Japan, China en Australië. Klanten van RensenDriessen zijn vaak afbouwwerven die het casco bij hen bestellen en de complexere afbouw zelf verzorgen. Ook de makelaardij draait door: inruilmogelijkheden worden veel gebruikt om de overgang naar een nieuw schip soepel te laten verlopen.
RensenDriessen erkent dat grootschalige scheepsbouw deze eeuw naar het buitenland is verplaatst en ziet dat als onomkeerbaar; gespecialiseerde bouw en afbouw blijven wél in Nederland vanwege kennis en toeleveranciers. Technische innovaties zoals Trackpilot en Seafar worden steeds vaker gekozen en helpen bij bemanningsvraagstukken. Op duurzaamheid is men kritisch over oppervlakkige oplossingen; inzet van Stage V‑motoren en optimalisaties door eigen engineers moeten bestaande schepen efficiënter maken, terwijl echte emissiereducties vooral op zeevaarttrajecten te behalen zijn (bijv. door dual‑fuelverplichtingen).