De reisleider
In dit artikel:
De loods stapt aan boord van de Lovuna Star, waar de kapitein hem welkom heet en meteen wijst op het schip: een sterk linkshandig krachtschip met zeven meter diepgang, bestemd voor het loodsstation Wandelaar. De kapitein vraagt om een plek aan stuurboord in de sluis en verzekert dat hij het schip zelf zal besturen. Onder de heldere voorjaarszon hebben zijn gladde woorden een hypnotiserend effect op de loods: hij raakt loom, knikt instemmend en verliest scherpte.
Terwijl de kapitein met zelfverzekerde gebaren voorstelt vol kanaalsnelheid op de nog gesloten Sluiskilbrug aan te sturen, laat de loods zich meedrijven. Kort daarna geeft het schip vol achteruit en zet de boegschroef op maximaal; zwarte rook pluimt op en de boot komt met moeite vóór de brug tot stilstand, tot groot alarm van de bouwvakkers op de brug. De loods staat gedesoriënteerd te zwaaien, half in een roes. De sluispassage en het stuk naar de rede van Vlissingen verlopen in een droomtoestand, pas verbroken wanneer zijn aflos zich meldt en hij met de realiteit geconfronteerd wordt. De kapitein herhaalt kalmerend: "maakt u zich absoluut geen zorgen…" — een mantra die de hele ervaring tekent.