'Geld interesseerde mij niet zoveel, varen is steeds mijn redding geweest'

woensdag, 6 mei 2026 (12:02) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

“Dit is een schip zonder motor”, zegt kapitein Ramon Meijnders (1972) over de tanker Nathalie van Veda AG, die momenteel in de Mercuriushaven naast de cacaoloodsen ligt. Tijdens een overtocht van een terminal in Amsterdam naar het bunkerstation van Reinplus liep een cilinder vast; Ramon was toen niet aan boord. Zijn aflossers bereikten het bunkerstation met de boegschroef en werden vervolgens op aanwijzing van Haven Amsterdam naar de huidige ligplaats gebracht. De motor is uit de machinekamer gehesen en wordt bij NDR in Dordrecht gereviseerd; dat kon via luiken in dak en vloer van de roef gebeuren.

De Nathalie is een voormalige bunkertanker die met 21 meter verlengd is en bunkerstations en depots in Nederland en België bevoorradt; laadplaatsen bevinden zich in de drie grote ARA-steden. Ondanks de onrust op de brandstoffenmarkt merkt Meijnders geen terugloop in de vaart.

Meijnders komt uit een nautische familie: zijn vader werkte als monteur op sleepboten en was geobsedeerd door Deutz-motoren. Zelf koos Ramon vroeg voor de binnenvaart, volgde het KOF in Rotterdam en begon op zijn zeventiende op 86 meter-chemicaliëntankers. In die periode voer hij lichte chemicaliën als benzeen en nafta en herinnert zich losse veiligheidspraktijken van toen — werken met ventilatoren en “boven de wind” blijven maar wel met zorgen over gezondheidseffecten.

Naast beroepsvaart vervulde Ramon diverse instructierollen: korporaal-instructeur bij de Vaartuigendienst van de Landmacht en instructeur op zeilschool Nautilus. Hij kocht later een 31 meter klipper, de Clipper, en organiseerde fietsvaarvakanties en jongerenreizen, vaak in samenwerking met Belgische mutualiteiten. Dat project bracht meer plezier dan winst; de Clipper lag daarna twaalf jaar als jeugdherberg in de Leuvehaven terwijl Meijnders weer ging varen en zijn vrouw de jeugdherberg runde. Later werkte hij op parlevinkers (aanvoerschepen voor zeeschepen) bij Legero — werk dat hij als puur en bijzonder intens omschrijft — en werd daar vervolgens walkapitein met verantwoordelijkheid voor bemanning, administratie en onderhoud.

Bijna vier jaar geleden kwam hij via een aflossing aan boord van de Nathalie. Hij prijst het schip om zijn smalle vorm, goede snelheid en lage verbruik: maximaal 2200 toeren maar vaak varend op 1600 toeren, met ongeveer 13,5 km/u geladen en 17 km/u ballast. Ondanks kritiek op de binnenvaart blijft Meijnders positief: varen heeft hem steeds geholpen en is voor hem een soort redding geweest.