Jaap en Johanna van de Werf verkopen hun spits Geca en gaan alleen nog pleziervaren
In dit artikel:
Jaap en Johanna van de Werf nemen na bijna 46 jaar afscheid van hun spits Geca, die jarenlang grind leverde aan de Diamant-betoncentrale aan het Kanaal Almelo–De Haandrik bij Hardenberg. Jaap vaart sinds 1980 op de Geca (hij kocht het schip in 1986, nadat hij het als jongen had zien bouwen) en maakte met zijn vrouw al die tijd de regelmatige ritten Hardenberg–Rees en terug, telkens met ongeveer 350–360 ton zand/grind in het ruim. In totaal schatten ze grofweg 3.500 reizen te hebben gemaakt.
Het echtpaar verkocht de Geca omdat ze beide 65 zijn en meer rust en tijd voor familie willen; ze blijven wel varen als hobby met hun platbodem Waterlady (13 m x 3,50 m). Hun twee zoons kozen geen varend bestaan, en inmiddels genieten ze ook van een tuin en vijf kleinkinderen. Het afscheid van relaties en collega’s vond plaats op 12 december in de kantine van de Diamantfabriek, waar sluis- en brugwachters, medewerkers van Zandmaatschappij Twente en familie samenkwamen. Brugwachter Alex Koninenbelt hield een toespraak en overhandigde een fotoalbum; medewerkers schonken een spiegel met de gegraveerde Geca. De laatste commerciële reis van het koppel ging naar Ridderkerk, waar de nieuwe eigenaren het schip overnamen.
Een belangrijk thema in hun loopbaan was de opwaardering van het kanaal voor schepen tot 700 ton. Die maatregel veranderde het speelveld: kleinere schepen als de Geca moesten nu twee ritten maken om hetzelfde volume te leveren als een grotere lader. Jaap had daar aanvankelijk bedenkingen bij, maar besloot niet te investeren in een groter schip — wat achteraf gezien geen slechte keuze bleek. Ook veranderde de logistiek: waar laden en wachten vroeger dagen kon duren, is de huidige lading van circa 360 ton vaak binnen een halfuur aan boord.
De laatste jaren uiten beide bemanningsleden zorgen over achterstallig onderhoud van het kanaal: remmingwerken, beschoeiing en gordingen worden volgens hen niet op tijd vernieuwd en sommige palen om aan vast te maken zijn weggehaald. Ook is er onrust over verzakkingen van huizen langs het kanaal; bewoners wijten dat aan de opwaardering, maar Jaap zegt dat ook eerdere verzakkingen en verlaging van de grondwaterstand meespelen.
De Geca wordt opgevolgd door Jan en Astrid Figge van Onderneming. Zij kunnen per keer circa 660 ton vervoeren en willen de Figge-naam op het kanaal liefst ruim zestig jaar laten voortleven — een continuïteit die past bij de generaties die het kanaal al bedienen.