Mana Engineering wil met waterstof walstroom leveren
In dit artikel:
Het Rotterdamse Mana Engineering onderzoekt een mobiele installatie die overslagterminals ondanks de beperkte capaciteit van het elektriciteitsnet van walstroom kan voorzien. De installatie combineert brandstofcellen op waterstof met batterijen en moet het verschil opvangen tussen het vermogen dat een terminal kan afnemen en de elektriciteitsvraag van een schip. Dat tekort kan volgens Mana oplopen tot één megawatt of meer.
De techniek is gebaseerd op HAP-RM, een systeem voor schone stroomproductie. Mana wil de installatie onderbrengen in een verplaatsbare 20-voetscontainer, die snel op verschillende kades kan worden ingezet. Omdat het systeem aan de wal staat, gelden volgens algemeen directeur Dennis Lensing minder strenge voorschriften dan voor apparatuur aan boord van een schip.
Een haalbaarheidsstudie moet uitwijzen hoeveel vermogen terminals nodig hebben en of een mobiele waterstofinstallatie financieel aantrekkelijker is dan een vaste netaansluiting. Vooral bij shortsea-terminals is die afweging ingewikkeld: feeders gebruiken minder vermogen dan grote zeeschepen, maar de kosten voor kabels, kadeaanpassingen en een aansluiting blijven relatief hoog. Bovendien liggen shortsea-schepen vaak maar enkele uren aan de kade.
De ontwikkeling houdt verband met de Europese verplichting die bepaalde zeeschepen vanaf 2030 in havens walstroom laat gebruiken. Door netcongestie kunnen terminals mogelijk niet tijdig een zware aansluiting krijgen. Uitstel van de verplichting is denkbaar, maar Mana vreest dat terminals daardoor investeringen blijven uitstellen. Het bedrijf onderzoekt de technische en financiële voorwaarden met onder meer omgevingsdienst DCMR. De studie duurt naar verwachting tot halverwege volgend jaar; bij een positief besluit kan rond 2028 een praktijkproef plaatsvinden.
Vandaag Inside: 'Ik begrijp niet dat de VVD zich niet krachtiger opstelt tegen ondernemers in de grensstreek'