Mosselsector financieel onder druk door mosselsterfte in de Oosterschelde

dinsdag, 24 februari 2026 (17:31) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

In 2024 leed de mosselsector in de Oosterschelde zware verliezen door massale mosselsterfte. Kwekers vroegen in het najaar om kwijtschelding van ongeveer 2,5 miljoen euro huursom voor de percelen van seizoen 2023/2024, een verzoek dat steun vond in de Tweede Kamer (onder meer Van der Plas, BBB; vragen door Flach, SGP). Brussel weigerde echter medewerking: financiële compensatie zou onder de EU-regels als verboden staatssteun gelden zolang de oorzaak van de sterfte niet vaststaat.

Op initiatief van voormalig staatssecretaris Jean Rummenie startte Wageningen Marine Research een meerjarig onderzoek naar mogelijke oorzaken van de sterfte, waarbij ook kreeften worden onderzocht. Provincie Zeeland, wetenschappers en de visserijsector doen mee. Het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur neemt vanwege het onverwachte karakter 70% van de onderzoeks-kosten voor zijn rekening (normaal 50%). Het onderzoek bestrijkt meerdere seizoenen (looptijd circa vier jaar). Tot nu toe zijn geen bekende ziekteverwekkers aangetroffen; er zijn wel verhoogde ontstekingshaarden die op chronische stress kunnen wijzen, maar de precieze oorzaak blijft onduidelijk.

Omdat een huurkwijtschelding door Brussel is afgewezen, stelde Rummenie een alternatief steunpakket voor. Belangrijke onderdelen:
- Energie-efficiëntieregeling van 10 miljoen euro voor verduurzaming van de schelpdiervloot, verspreid over 2026–2028 (2,0 / 3,3 / 4,7 miljoen per jaar).
- Een MZI-investeringssubsidie van 2 miljoen euro voor mosselzaadinvanginstallaties, met aanvullend nog eens 2 miljoen euro in 2028 in verband met de gefaseerde afbouw van bodemberoerende zaadvisserij in de Waddenzee (geslotenheid tot 65% mogelijk vanaf 2028).
- Een betalingsregeling voor alle 87 mosselkweekbedrijven om openstaande huur over 2023/24 en 2024/25 gespreid over maximaal drie jaar zonder rente af te lossen.

Het pakket probeert zo directe liquiditeitsproblemen te verzachten en tegelijk te sturen op verduurzaming en aanpassingen in zaadwinning. De definitieve uitkomst hangt mede af van lopend onderzoek en toekomstige beleidskeuzes richting Brussel.