Nieuwe technologie en klimaatverandering jagen interesse voor nucleaire aandrijving aan

dinsdag, 21 april 2026 (12:02) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

Bijna-klaarstaande technologie kan kernenergie als scheepsvoortstuwing binnenkort terugbrengen in de koopvaardij, zeggen deskundigen van Allseas en TU Delft. Op 14 april presenteerden André Steenhuis (Allseas) en Klaas Visser (TU Delft) op de Scheepvaart Expo in Rotterdam hun visie: technisch is het mogelijk en economisch aantrekkelijk, maar regelgeving en verzekeringsvraagstukken vormen de grootste belemmering.

Allseas wil vanaf circa 2032 zijn offshore-installatieschepen op kernenergie laten varen met High-Temperature Gas-cooled Reactors (HTGR). Dat zijn modulaire, heliumgekoelde reactoren van ongeveer 25 MW per unit; voor het schip Hidden Gem volstaan twee modules van circa 2 m diameter en 4 m hoogte. De reactoren gebruiken laagverrijkt uranium (tot maximaal ~20%) in de vorm van zogenaamde pebbles of trisokorrels. Eén lading pebbles zou rond de zeven jaar autonomie geven, waardoor bunkeren over lange afstanden grotendeels overbodig wordt. Omdat nu maar een deel van de warmte via stoomturbines wordt benut, is er bovendien ruimte voor rendementsverbetering.

De voorgestelde aanpak verschilt wezenlijk van klassieke marine- of historische civiele reactoren (zoals de Amerikaanse Savannah), die met hoogverrijkt materiaal en geïntegreerde reactorbouw werken. Visser en Steenhuis benadrukken dat de moderne, compacte SMR-achtige opzet een ander veiligheidsprofiel creëert en dat discussies op feiten moeten plaatsvinden. Allseas onderzocht ook andere concepten (zoals gesmolten-zoutreactoren), maar koos voor HTGR vanwege snelheid van ontwikkeling en zeegebonden robuustheid.

Drijfveren zijn de beschikbaarheid van nieuwe technologie, de noodzaak om de scheepvaart te decarboniseren en overheidsbeleid dat de maritieme industrie wilt behouden en stimuleren (Sectoragenda Maritieme Maakindustrie noemt nucleair varen als koplopertraject). Nederland speelt een voortrekkersrol in IMO-overleggen; Urenco in Almelo levert momenteel een groot deel van de mondiale verrijkingscapaciteit. Om sneller te kunnen opschalen is internationale regelgeving nodig—mogelijk te versnellen via bilaterale afspraken over vaarroutes die als bouwstenen voor wereldwijde regels kunnen dienen.