Noren leren van ramp op Nederlands cruiseschip waarbij bemanning levend werd gestoomd
In dit artikel:
In 2024 kwamen twee bemanningsleden van het Nederlandse cruiseschip Nieuw Amsterdam (Holland America Line) om het leven nadat een expansiestuk in een hoofdstoomleiding scheurde terwijl het schip in een haven op de Bahama’s lag. De machinekamer waarin de slachtoffers zich bevonden, vulde binnen 86 seconden met stoom van meer dan 100 °C; inademing beschadigde hun longen fataal. Het stoomsysteem bleek, ook wanneer niet in gebruik, nooit volledig afgesloten te kunnen worden — een ontwerpkenmerk dat bij latere aanpassingen of in de bedieningsprocedures niet was meegenomen. De bemanning was bovendien niet op de hoogte van de noodzaak om bepaalde koelkleppen open te houden.
Onderzoek door de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) concludeerde dat er een kloof bestaat tussen het theoretische ontwerp en de praktijk aan boord: bestaande procedures en training informeerden onvoldoende over het ontstaan en de gevaren van stoomsystemen. De OVV adviseert om procedures en trainingsprogramma’s aan te passen zodat bemanningen beter zicht hebben op de risico’s, en raadt het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) aan bij de IMO te pleiten voor aanpassing van de STCW‑regels zodat stoomsystemen in opleidingen worden behandeld.
De Noorse Maritieme Autoriteit wil nu onderzoeken of zij trainingen voor machinekamerpersoneel op cruiseschepen kan aanbieden en benadrukt dat lessen uit de praktijk moeten worden geïntegreerd in ontwerp, procedures en opleiding. Tegelijk erkent ze dat niet alle ongevallen te voorkomen zijn en dat regelgeving en trainingsmateriaal niet altijd alle mogelijke situaties weerspiegelen. De OVV onderstreept dat huidige bedrijfsopleidingen wel aansluiten bij internationale wetgeving, maar dat die wetgeving explicieter aandacht moet besteden aan risico’s zoals stoomslag.