Oranjeborg helt 45 graden na ogenschijnlijk lichte aanvaring

zondag, 8 maart 2026 (12:02) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

Op 6 februari 1973 raakte de Wagenborg-coaster Oranjeborg tijdens manoeuvres bij de Wagenborg Terminal in Delfzijl in ernstige problemen. Rond 11.15 uur, terwijl de sleepboot Golfbreker het schip langs de kade manoeuvreerde, kwam de Oranjeborg in aanraking met een dukdalf (een zware houten of stalen paal langs de kade). Wat ooggetuigen aanvankelijk als een lichte tik inschatten, veroorzaakte een scheur in de bakboordzijde waardoor het voorschip binnen minuten zo vol liep dat het schip tot circa 45 graden overhelde. De dukdalf fungeerde uiteindelijk als steunpunt en voorkwam dat het schip volledig kapseisde.

Direct na het ongeval waren de sleepboten Watergeus, Waterstraat en Waterman ter plaatse. Pogingen om met pompen de binnenstromende zee te bestrijden leverden aanvankelijk niet genoeg op; het voorschip zakte steeds verder en het dekhuis dreigde los te scheuren. De bemanning kreeg opdracht het schip te verlaten. Kapitein Elise de Jonge verliet als laatste het in 1955 bij Amels in Makkum gebouwde schip. Wagenborg-directeuren en hulpverleners volgden de gebeurtenissen vanaf de wal en sleepboten.

Kort na 14.00 uur richtte de Oranjeborg zich onverwacht op. Meteen werden alle manschappen ingezet om de instroom te stoppen; na enkele pogingen slaagde men erin een dekkleed over het gat te krijgen. Daarmee en met intensief pompen kon worden voorkomen dat het schip zonk. Tijdens laagwater lag de boeg op de bodem; men hoopte het vóór hoogwater te kunnen slepen. Om 20.00 uur arriveerden duikers van duikbedrijf Energie uit Drachten; tussen circa 22.00 en 23.30 uur lasten zij een plaat over het gat, waarna het schip leeggepompt kon worden. De volgende ochtend om 06.00 uur sleepte men de Oranjeborg naar Scheepswerf Sander binnen de zeesluizen voor herstelwerkzaamheden. Na droogzetting bleek de schade mee te vallen; de reparatie nam ruim een week in beslag en de coaster keerde daarna terug in de vaart.

Achtergrondinformatie: de Oranjeborg was een shelterdecker van 870 ton draagvermogen (64,38 x 9,74 m) met een 820 pk Werkspoor-motor en werd in 1955 gedoopt. Het schip kende meerdere incidenten: rond 1958 lag het voor anker bij de Vlieree met een defecte stuurinrichting en in augustus 1961 raakte het in aanvaring bij Kalmar met de Mutterliebe. In 1969 werd het schip verbouwd (onder meer wijziging van de masten) waardoor het laadvermogen toenam tot 1.325 ton.

Na achttien jaar bij Wagenborg werd de Oranjeborg in april 1974 verkocht en voer daarna onder verschillende namen, eigenaars en vlaggen (onder andere Frisian, Coral Venture, Petch Arat en Orient Express I). Vanaf 2006 voer zij onder beheer van een Thaise rederij; in 2010 verviel de Lloyd-registratie omdat het voortbestaan van het schip onduidelijk werd bevonden.