Probleemschip Ceyo mag na twee maanden vertrekken uit Amsterdamse haven

vrijdag, 23 januari 2026 (11:31) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

Na bijna twee maanden in de Amsterdamse Coenhaven mag het Turkse vrachtschip Ceyo weer uitvaren; de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) oordeelde na een vijfde herinspectie dat het schip nu veilig naar zee kan. De Ceyo, varend onder de Tanzaniaanse vlag, kwam op 24 november in Amsterdam om rubbergranulaat op te halen maar werd bij een eerste Port State Control-inspectie onmiddellijk aan de ketting gelegd.

Het twintig jaar oude schip kent een beladen verleden: het behoorde ooit tot de Noord-Koreaanse vloot, zonk bijna bij Japan en in 2023 werd aan boord 4.500 kilo cocaïne gevonden. Sindsdien is het in bezit van Efemay Shipping uit Turkije. In Amsterdam ontstonden spanningen aan boord; de politie moest ingrijpen na een conflict waarbij de machinist en de rederij tegenover elkaar stonden over salarisbetalingen. Met bemiddeling van de International Transport Workers’ Federation (ITF) kreeg de machinist zijn loon en vertrok hij op eigen kosten. Later lieten zowel de kapitein als een vervangend machinist het schip achter omdat zij het onveilig vonden.

Bij de eerste inspectie werden 38 tekortkomingen vastgesteld, waaronder ernstige gebreken aan brandveiligheid, reddingsboten, ontvangstapparatuur voor waarschuwingen, ontbrekende nautische publicaties en ontoereikende sanitaire voorzieningen; 17 daarvan leidden tot detentie. De ILT meldt dat twee gebreken nog niet ter plekke verholpen zijn maar in een volgende haven kunnen worden aangepakt; er geldt een reparatieplicht. Nieuwe bemanningsleden zijn uit Georgië ingevlogen. De Ceyo vaart leeg naar een werf in Istanbul voor verdere reparaties en is de komende drie maanden niet welkom in havens van Paris MoU-lidstaten — een gevolg van eerdere detenties in Italië en Griekenland en de daarop gevolgde banningsprocedure.