Rabobank: 'Dieselelektrisch varen is toekomstbestendig'
In dit artikel:
Dieselelektrische scheepsaandrijving kan voor veel binnenvaartschippers een rendabele en toekomstgerichte keuze zijn, blijkt uit onderzoek van de Rabobank en het Nederlandse technologiebedrijf Cognauship. De techniek is vooral interessant voor schepen die vaak moeten manoeuvreren, wachten of sterk wisselende vermogens nodig hebben, omdat een elektromotor onder die omstandigheden efficiënter werkt dan een klassieke dieseldirecte aandrijving. In gunstige gevallen kan de brandstofbesparing oplopen tot 35 procent; zelfs bij minder ideale vaarprofielen is volgens het onderzoek nog zo’n 5 procent besparing mogelijk.
De Rabobank wil met het onderzoek een hardnekkig misverstand wegnemen: dat dieselelektrisch varen per definitie te duur zou zijn en zich niet zou terugbetalen. Sectormanager Irma Belgraver-Kruisinga ziet juist kansen, zeker omdat de meerprijs bij aanschaf soms met subsidie kan worden gecompenseerd. Die regeling geldt nu nog vooral voor kleinere schepen, maar de bank pleit ervoor ook grotere bestaande vaartuigen mee te laten doen.
Naast lager brandstofverbruik biedt de techniek meer comfort door minder geluid en trillingen, en lagere onderhoudsdruk doordat meerdere generatoren flexibel kunnen worden ingezet. Bovendien is het systeem modulair opgebouwd, waardoor later relatief eenvoudig kan worden overgestapt op andere energiebronnen zoals batterijen of waterstof. Dat maakt het aantrekkelijk voor ondernemers die hun schip nog jaren willen blijven gebruiken.
Toch is het geen standaardoplossing: bij vaartuigen die vooral op hoog en constant vermogen varen, verdwijnt het voordeel grotendeels en kan een traditionele dieselmotor net zo goed of beter presteren. Ook hangt het succes sterk af van een goed ontwerp en een analyse van het eigen vaarpatroon, omdat verkeerde afstemming van generatoren en regeling de verwachte besparingen kan wegvagen. Volgens de Rabobank laten praktijkcases zien dat de extra investering bij nieuwbouw gemiddeld in ongeveer drie jaar kan worden terugverdiend, al blijven brandstofprijzen, onderhoudskosten en het gebruiksprofiel bepalend.
Vandaag Inside Oranje: Hoe denken FC Barcelona-fans over Frenkie de Jong?