Rapport: impact verbod op woonlandbeginsel zeevarenden 'enorm negatief'

maandag, 2 maart 2026 (07:45) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

Een verbod op het woonlandbeginsel zou de Nederlandse zeevaart ingrijpend treffen, waarschuwen HCSS en Deloitte in een recent door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat besteld rapport. Het woonlandbeginsel bepaalt dat zeevarenden volgens het prijspeil van het land waar ze wonen worden betaald; daardoor verdienen veel in de Filipijnen en Indonesië woonachtige bemanningsleden aanzienlijk minder dan Nederlandse collega’s (een Filipijnse matroos verdient ruwweg de helft van een Nederlandse matroos). De regeling sluit aan bij mondiale minimumnormen van de ILO en wordt in veel Europese landen toegepast.

Recente, niet-bindende oordelen van het College voor de Rechten van de Mens zetten die praktijk onder druk. HCSS en Deloitte onderzochten wat er gebeurt als lonen worden gelijkgetrokken: de uitkomst is ingrijpend. Op schepen onder Nederlandse vlag werken circa 20.000 niet-Nederlandse zeevarenden, waarvan meer dan 70% uit de Filipijnen komt. In een rekenvoorbeeld met een fictief vrachtschip (bemanning 17) zouden de jaarlijkse loonkosten bij gelijke beloning met ongeveer 42% stijgen — van bijna 5,6 ton naar bijna 8 ton (in gewone termen: van circa €560.000 naar €800.000 per jaar).

De economische consequentie is dat naar schatting 50–70% van de Nederlandse vloot zou omvlaggen: rederijen kiezen dan voor registratie onder een buitenlandse vlag om concurrerend te blijven. Dat heeft bredere effecten dan alleen hogere loonkosten. Omvlagging en mogelijke verhuizing van rederijen kunnen leiden tot verlies van banen in de gehele maritieme keten — van opleidingen en certificering tot administratie en tonnagebelasting — en verzwakken het maritieme cluster in Nederland.

Ook de strategische impact is groot: een kleinere Nederlandse vloot vermindert inzetbaarheid bij crises, ondermijnt nationale veiligheid en verkleint Nederlands gewicht in internationale maritieme fora (zoals IMO en ILO). De onderzoekers waarschuwen dat dit negatieve gevolgen kan hebben voor beleid op duurzaamheid, scheepsveiligheid, arbeidsvoorwaarden en bestrijding van maritieme criminaliteit.

Het rapport concludeert dat het afschaffen van het woonlandbeginsel verstrekkende economische, veiligheids- en geopolitieke gevolgen heeft en pleit voor aanvullend onderzoek naar bijvoorbeeld bedrijfsverplaatsing. Rederijvereniging KVNR en vakbond Nautilus onderschrijven de bevindingen en waarschuwen dat Nederland het zich niet kan veroorloven dat de helft tot driekwart van de vloot omvlagt.