Reestborg zag piraterij bij Laem Chabang: 'May day, er zijn piraten aan boord'

maandag, 6 april 2026 (12:02) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

Kapitein Martin Muntendam, nautiekdocent en lid van een onderzoeksgroep voor maritieme IT-beveiliging, herinnert zich hoe hij op 21 februari 2005 als officier op het containerschip Reestborg getuige was van een kaping vlak voor de Thaise haven Laem Chabang. Terwijl de loods nog twintig mijl afstand had en het eiland Ko Lan in zicht was, viel een kleine, donkere vissersboot op. Die zette koers naar de achtersteven van de 50.000-ton bulkcarrier Alam Maju; met lijnen werd de boot vastgemaakt en een groep overzetters klom aan boord. De aanval duurde ongeveer driekwartier en goederen werden van de bulker naar de vissersboot overgeladen voordat de piraten koers zetten naar het eiland Kho Pai.

Muntendam en zijn bemanning namen ISPS-maatregelen: alarm, toegangen verzegelen, machinekamers afsluiten, de hoofdmotor op vol vooruit en water over het achterschip spuiten. Toch bleef hulp uit. Pogingen om contact te krijgen met Laem Chabang Port Control via marifoon en satelliettelefoon leverden geen respons op; de agent beloofde in te grijpen. Bij het meldpunt voor piraterij kreeg de Reestborg het verzoek de gebeurtenis ook per e-mail te bevestigen. Het IMB Piracy Reporting Centre ontving later een telex waarin de Maleisische eigenaar van de Alam Maju ontkende dat er een aanval had plaatsgevonden.

Muntendam beschrijft de situatie als schrijnend: een overval overdag, in zicht van de haven, terwijl omstanders machteloos toekeken. Hij concludeert dat ontkenning door autoriteiten en betrokkenen — mogelijk ingegeven door economische belangen — leidt tot onderrapportage en dat dit het probleem verergert. De ervaring staat voor hem symbool voor de kwetsbaarheid van schepen zelfs dicht bij drukke havens en vormt een actuele waarschuwing nu ReCAAP-gegevens laten zien dat in 2025 het aantal gewapende overvallen op schepen in Azië weer is toegenomen.

Het incident illustreert niet alleen het directe risico van piraterij, maar ook structurele tekortkomingen in respons en rapportage die het moeilijk maken om het fenomeen effectief te bestrijden.