Scheepsbouwer Jan Niestern was inventief en invloedrijk
In dit artikel:
De Groningse scheepsbouwer Jan Niestern (1885-1969) kreeg in maart 1954 op de werf van Gebroeders Niestern in Delfzijl de gouden De Ruytermedaille. Die zeldzame onderscheiding was bedoeld voor mensen die zich uitzonderlijk hadden ingezet voor de Nederlandse koopvaardij en visserij. Kort daarna werd Niestern benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Commissaris van de koningin Ebels noemde hem de belangrijkste onder de Groningse scheepsbouwers.
Niestern leidde samen met zijn broers Kees en Berend de scheepswerven in Delfzijl en bekleedde daarnaast directeurschappen en commissariaten bij verschillende werven, scheepvaartorganisaties en bedrijven. Ook was hij mede-eigenaar van rederij J. B. en K. Niestern. De familie had al vanaf het begin van de twintigste eeuw zakelijke banden met rederij Wagenborg. Jan trouwde in 1913 met Lukkina Wagenborg, de dochter van reder Egbert Wagenborg.
De onderscheiding eerde vooral Niesterns technische bijdragen aan de scheepvaart. Hij introduceerde de verlaagde dubbele bodem, waardoor met name kleine kustvaarders veel zeewaardiger werden en de Groningse kustvaart kon groeien. Daarnaast ontwierp hij de eerste zelfrichtende reddingboot ter wereld. Geïnspireerd door dodelijke reddingsacties voor de Nederlandse kust zette hij ondanks wetenschappelijke kritiek zijn ontwerp door. De reddingboot Insulinde doorstond op 20 juni 1927, in aanwezigheid van koningin Wilhelmina, succesvol de kantelproeven. De De Ruytermedaille, ingesteld in 1907 ter ere van Michiel de Ruyter, bestaat nog altijd in brons, zilver en goud.
Vandaag Inside: Johan Derksen kritisch op tv-optreden Mona Keijzer: ‘Ik ben fan van haar, maar…’