Schippersvereniging Schuttevaer Noord-Holland: hoe lang houdt PWA-kolk het nog?

woensdag, 4 februari 2026 (15:02) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

De afdeling Noord-Holland van Schippersvereniging Schuttevaer (SVS) zette op de jaarvergadering in de Stoomhal in Wormer (zaterdag 24 januari) de meest urgente knelpunten voor de binnenvaart op een rij: vooral onbetrouwbare sluizen en bruggen die niet (meer) openen, met serieuze economische gevolgen voor scheepvaart en bedrijven langs de waterwegen.

Het grootste aandachtspunt is de Prins Willem-Alexandersluis (PWA-kolk) bij Schellingwoude. Die kolk is de enige van het complex die 110-meter schepen kan schutten; bij uitval ligt de grote scheepvaart naar het noorden stil. Renovatie van sluisdeuren en kolk is een jaar doorgeschoven naar 2027, wat SVS-regiocoördinator Andries de Weerd nerveus maakt. Hij drong aan op strikter dagelijks onderhoud en opperde als structurele maatregel het verlengen van de Middensluis van 90 naar 140 meter en het herstel van lokale bediening tijdens de renovatie.

De geplande Oostbrug over het IJ is een tweede pijnpunt: de gemeente Amsterdam wil de brug bouwen, maar lijkt aan de eerder afgesproken doorvaarthoogte van 12,50 meter met twee kleppen te willen tornen. Schuttevaer, Port of Amsterdam en Rijkswaterstaat houden voet bij stuk en zoeken gezamenlijk naar behoud van de gemaakte nautische afspraken.

Verder leid(t)en diverse brugstoringen tot stremmingen richting het zuiden: problemen bij de Overtoomsebrug, versleten Schinkelbruggen, een defecte schakelkast bij de Schipholbrug en beperkingen door renovatie van de Cruquiusbrug bij Haarlem. En hoewel de Coenbrug over de Zaan weer functioneert, ontbreekt er nog een peilschaal. Ook de provinciale spitssluitingen — afsluitingen in spitsuren — roepen verzet op bij schippers en brancheorganisatie KBN; SVS vroeg gedeputeerde Jeroen Olthof om dit jaar een nieuwe evaluatie met als uitgangspunt een gelijk speelveld tussen weg- en watervervoer.

De directe gevolgen voor bedrijven kwamen duidelijk naar voren via Oostwouder-directeur Ruud Bais. Zijn tank- en silobouwbedrijf aan het Noordhollandsch Kanaal is sterk afhankelijk van transport over water; onvoorziene stremmingen leidden tot uitgestelde of verloren orders, extra werkuren, en miljoenenverlies (Bais noemde onder meer boetes van zo’n drie ton wegens niet-levering). Om minder afhankelijk te worden van brugopeningstoegankelijkheid investeerde Oostwouder meer dan 10 miljoen en kocht de Jongert jachtwerf met 120 meter kade aan het IJsselmeer, zodat ze alternatieve afhandelmogelijkheden hebben.

Rijkswaterstaat erkende de achterstand in onderhoud; netwerkmanagementdirecteur Ron Minnaar noemde de kloof groot en moeilijk in te lopen, al is voor dit jaar 3,4 miljard euro voor onderhoud begroot (geld dat formeel nog niet volledig beschikbaar ligt). Landelijk SVS-voorzitter Erik Schultz pleitte voor meer standaardisering; Minnaar kondigde plannen aan voor aparte werven voor bruggen, tunnels en sluizen om het achterstallige onderhoud systematischer aan te pakken.

Kort samengevat: schippers, overheden en havenpartijen roepen om sneller, consistenter onderhoud, behoud van gemaakte nautische afspraken en beleidsaanpassingen die de binnenvaart minder kwetsbaar maken voor stremmingen die zowel scheepvaart als regionale economie stevig raken.