Spagaat tussen scheepsromantiek en mensenrechten in het West Australian Shipwrecks Museum

zondag, 18 januari 2026 (11:16) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

In het West Australian Shipwrecks Museum in Fremantle bij Perth ligt het geconserveerde wrak van de Batavia en een deel van de lading; de originele Batavia liep in 1629 op de westkust van Australië aan de grond. De replica op ware grootte staat in Bataviastad bij Lelystad, maar wie het schip wil zien in situ moet naar Australië. Het museum belicht niet alleen die ramp, maar toont de hele Nederlandse maritieme aanwezigheid aan de westkust: van vroege ontdekkingsreizigers als Willem Jansz (Duyfken), Dirk Hartog en Willem de Vlamingh tot kaarten, modellen en archeologische vondsten.

Centraal in het verhaal staat vrijwilligster Elly Spillekom (69), geboren in de Zaanstreek en sinds ruim een decennium inwoner van Perth. Zij werkt in het museum, is secretaris van de West Australian Maritime Association en lid van de Batavia Long Boat Association. Spillekom combineert passie voor scheepvaartgeschiedenis met een kritische blik op het koloniale verleden. Haar band met de Batavia noemt ze geladen: het schip fascineert haar, maar het verhaal eromheen roept ook morele vragen op.

Het museumgebouw zelf heeft ook een beladen geschiedenis: het was ooit opslag voor de Britse kolonie en is gebouwd met dwangarbeid, zowel Aboriginals als verbannen Britse criminelen. Binnen zijn onder meer een model van Dirk Hartogs Eendracht en het jacht Duyfken te zien; die laatste voer in 2000–2002 naar Nederland ter herdenking van 400 jaar VOC, een tocht waarop protesten tegen het koloniale verleden uitvoerig de aandacht trokken. Bij het vertrek van de Duyfken heeft de bemanning formeel excuses aangeboden aan de Wik Aboriginals, wat illustreert hoe hedendaagse tentoonstellingen en herdenkingen ook rekenschap geven van de impact op inheemse bevolkingsgroepen.

Spillekom wijst op komende jubileums die tot discussie leiden: in 2027 is het 300 jaar sinds de Zeewijck verging (een van de best gedocumenteerde VOC-rampen), en in 2029 zijn het 400 jaar sinds de Batavia en tevens 200 jaar sinds de stichting van de deelstaat West-Australië. Ze vraagt zich hardop af wat zulke herdenkingen betekenen voor de Aboriginals, die historisch marginalisatie en geweld hebben ondergaan — van landroof en kinderontvoering tot discriminatie en ziekteverspreiding — en die nog maar een klein deel vormen van de bevolking van West-Australië.

De tentoonstelling trekt veel Nederlandse bezoekers: naar schatting wonen er zo’n 300.000 mensen van Nederlandse afkomst in Australië, waarvan circa 30.000 in West-Australië. Voor hen is het museum een trekpleister, maar het is volgens Spillekom ook een plek om openlijk de complexe balans tussen maritieme schittering en koloniale schaduw te bespreken.

Kort samengevat: het Shipwrecks Museum in Fremantle presenteert de Batavia en andere VOC-kwesties als zowel historisch erfgoed als aanleiding voor reflectie op de gevolgen van Europese aanwezigheid in Australië. Vrijwilligers als Spillekom spelen daarbij een dubbele rol: gidsen van maritieme trots én kritische gesprekspartners bij de verwerking van pijnlijker hoofdstukken uit het verleden.