Twee Amerikaanse nucleaire onderzeeboten liggen al bijna 70 jaar op de bodem van de oceaan
In dit artikel:
Onlangs kwam het zinken van een nucleaire onderzeeboot in aanbouw in China in het nieuws, waarna deze snel werd geborgen. In tegenstelling tot dit voorval, zijn de Amerikaanse onderzeeboten USS Scorpion en USS Thresher al bijna 70 jaar 'kwijt'. De USS Scorpion, met 99 bemanningsleden aan boord en gewapend met nucleaire torpedo’s, verdween op 21 mei 1968 tijdens een patrouille. Na een uitgebreide zoekactie werd het wrak later dezelfde jaar gevonden, 400 mijl ten zuiden van de Azoren, maar er werden geen overlevenden aangetroffen.
In de jaren '80 ontdekte oceanograaf Robert Ballard, gefinancierd door de Amerikaanse marine, de beroemde Titanic. In ruil hiervoor kreeg hij opdracht om ook naar de Scorpion en Thresher te zoeken, dit onder de dekking van militaire geheimhouding. Ballard vond uiteindelijk het wrak van de Scorpion, dat op ongeveer drie kilometer diepte in tweeën was gebroken. De exacte details werden pas in 2008 openbaar gemaakt.
De USS Thresher zonk in 1963 en alle 129 bemanningsleden kwamen om het leven. Het wrak, gelegen ten oosten van Cape Cod, is in stukken gebroken, met de nucleaire reactor ergens tussen de brokstukken. Beide wrakken worden periodiek gecontroleerd door de marine om te zorgen voor de veiligheid van het nucleaire materiaal, dat volgens hen niet naar de oppervlakte zal stijgen. Als gevolg van deze rampen heeft de Amerikaanse marine haar veiligheidsprotocollen aanzienlijk aangescherpt.