Veel buitenlandse kotters voor onderhoud bij Luyt in Den Oever

dinsdag, 17 maart 2026 (17:45) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

In Den Oever liggen momenteel opvallend veel buitenlandse kotters aan de kade van Machinefabriek Luyt: Duitse kotters uit plaatsen als Büsum, Greetsiel, Accumersiel, Ditzum en Friedrichskoog (onder meer SC-4 Cap Skagen, SD-23 Andrea, ACC-8 Orion, DIT-6 Amisia en GRE-16 Triton) en ook Engelse schepen zoals scalloper PD-905 Honeybourne III. De schepen zijn er voor diverse revisies en vervangingen: nieuwe hulpmotoren, keerkoppelingen en schroefassen, boegschroeven, vislieren, voormasten en ander ijzerwerk. Hoewel enkele buitenlandse kotters inmiddels zijn vertrokken, verwacht Luyt in het komende voorjaar opnieuw een toestroom voor onderhoud; op veel dagen zijn er meer buitenlandse kotters dan schepen van de ingekrompen lokale vloot.

Tegelijk is de Wieringer vloot in beweging: ongeveer dertien schepen werden tot nu toe gesaneerd, de meesten gesloopt door Hoeben RDM in Kampen. Een deel van de kotters vond een nieuw thuis elders — zo werd WR-20 Elisabeth verkocht naar Urk (nu UK-62 Jeltje), WR-213 Tini Simone ging naar Maatschap van der Kooi (als OL-13 Bona Spes) en WR-111 Breehorn is nu ZK-111 Hesseltje Ietje bij Maatschap Lukkien in Zoutkamp. Er is ook groei: Richard Wigbout nam TX 33 Nova Spes over om als WR-163 Mare Porcellum een eigen visserijbedrijf te beginnen, en Cor Willeboordse bracht TX-27 Nova Cura in de vaart als WR-224 Noortje, terwijl hij WR-226 Jack Cornelis liet saneren en slopen. Deze ontwikkelingen tonen zowel consolidation als vernieuwing binnen de regionale visserij en de rol van Den Oever als onderhoudscentrum.