Voor Vlaamse vissers wordt 2026 een jaar vol uitdagingen
In dit artikel:
Vlaamse vissers reageren kritisch op de nieuwe Europese vangstquota: de totale toegestane hoeveelheden liggen globaal ongeveer op hetzelfde niveau als vorig jaar, maar de verdeling over visgebieden en soorten wijkt sterk af, wat tot verontwaardiging aan boord leidt.
Belangrijke verschuivingen: tong mag in totaal 3% meer worden gevangen, schol daalt met 23%, tarbot stijgt met 36% en griet met 4%. Voor kabeljauw geldt in de Noordzee — door een aangepaste rekenmethode — een halvering van het quotum (-44%). Rog krijgt 25% erbij, terwijl de belangrijke tongschar met 23% wordt beperkt. Vissers wijzen erop dat zulke cijfers per gebied sterk verschillen: in het Bristol Kanaal, waar volgens bemanningen veel tong wordt waargenomen, is het quotum juist fors verlaagd, terwijl in andere gebieden de limieten omhoog gingen.
De beroepsgroep hekelt dat wetenschap en Brussel te weinig rekening houden met de praktijkervaring van bemanningen. Volgens de nieuwe voorzitter van de Belgische producentenorganisatie, Karel Ackx, komt wetenschappelijk advies vaak te laat of niet overeen met wat vissers op zee zien; in 2025 werd bijvoorbeeld maar ongeveer 35% van het tongquotum benut. Door de quota en beperkingen worden vissers gedwongen meer te vissen op soorten zonder quota, zoals zeekat en diverse inktvissen.
Naast onvrede over de quota stuiten vissers op zware administratieve lasten: iedere kilo moet aan wal verantwoord worden, wat tijdrovend is. Bovendien maakt de invoering van 42 nieuwe door het VK aangegeven beschermde mariene gebieden (waarvan in 36 gebieden sleepnetten mogelijk worden verboden, samen circa 30.000 km²) de situatie nijpend. Omdat Belgische vissers bijna de helft van hun inkomsten uit Britse wateren halen, waarschuwen politici zoals Vlaams minister Hilde Crevits en parlementslid Jasper Pillen voor negatieve economische gevolgen.
Organisatorisch is er beweging: de Oostendse Rederscentrale trad per 1 januari 2026 verder als Belgian Fisheries Producers Organisation (BFPO) om de zichtbaarheid en vertegenwoordiging van ruim 50 schepen en circa 450 opvarenden te versterken. Ackx volgde Geert De Groote op als voorzitter; De Groote blijft in het bestuur. De sector roept op tot meer luisterbereidheid van beleidsmakers en wetenschappers, om quota en beschermingszones beter af te stemmen op wat vissers in de praktijk aantreffen.