Werknemer krijgt per abuis twee keer bonus uitgekeerd van Vopak maar mag alles houden

zaterdag, 28 februari 2026 (12:02) - Weekblad Schuttevaer

In dit artikel:

Een medewerker van terminalbedrijf Vopak kreeg per vergissing twee keer de STIP-bonus over 2021 uitbetaald; de bonus was vastgesteld op iets minder dan €52.400 bruto en werd in april 2022 door twee verschillende Vopak-entiteiten overgemaakt. De man, sinds eind 1996 in dienst en de laatste jaren gedetacheerd als CEO bij een aan Vopak gelieerd Belgisch bedrijf, ontving daardoor ruim €60.000 netto aan STIP-bonussen waar feitelijk de helft van had moeten zijn.

Partijen maakten per 1 september 2023 een vaststellingsovereenkomst (ontslagregeling) met onder meer een beëindigingsvergoeding van circa €284.700; in die overeenkomst was ook een finale kwijting opgenomen — een clausule waarin partijen verklaren niets meer van elkaar te vorderen te hebben. Nadat Vopak de dubbele betaling ontdekte, probeerde het het teveel betaalde bedrag te verrekenen via de Tax Equalization Policy, maar de ex-medewerker weigerde.

De rechtbank Rotterdam oordeelde dat de finale kwijting de vordering van Vopak blokkeert, ook al wist het bedrijf op het moment van tekenen nog niet van de dubbele betaling en achtte de rechter aannemelijk dat de werknemer die extra uitkering later wel had moeten opmerken. Omdat de kwijting ruim genoeg is geformuleerd, dekt zij volgens de rechter ook onbekende vorderingen zoals deze foutieve dubbele STIP-betaling. Daarmee hoeft de voormalige medewerker het teveel betaalde bedrag niet terug te betalen.

Kernpunten: dubbele bonusbetaling in april 2022, vaststellingsovereenkomst met finale kwijting van 1 september 2023, poging tot verrekening via Tax Equalization Policy, en een uitspraak van de rechtbank die Vopak in deze zaak in het ongelijk stelt. Praktische les: bij beëindigingsregelingen kan een brede finale kwijting later verhaal op onverwachte fouten blokkeren; werkgevers doen er daarom goed aan financiële zaken vooraf zorgvuldig te controleren.