Zand, schelpen en schepen: Van Ouwerkerk houdt de keten in eigen hand
In dit artikel:
Het Zeeuwse familiebedrijf Van Ouwerkerk wint, vervoert en levert zand en schelpen met een eigen vloot die bestaat uit drie zuigers (onder meer de zeezuigers Zeeburg en Middelburg), een stationaire zuiger en zo’n tien binnenvaartschepen. Vanuit de kust en het depot in Middelburg bedient het bedrijf klanten in Nederland en België — tot Rotterdam en het Belgische achterland — en verkoopt producten voor onder meer de betonindustrie, wandelpaden, campings, isolatie en natuurherstelprojecten zoals vogeleilanden.
De onderneming, bijna 190 jaar oud en inmiddels in handen van de zesde generatie (broers Van Ouwerkerk namen het tien jaar geleden van hun vader over), houdt de keten integraal in eigen beheer: zelf winnen, boord-tot-boord transport en often rechtstreekse levering per schip. De Zeeburg kan ook buiten Nederland schelpen winnen en de zeezuigers kunnen zowel schepen laden als aan de kust lossen met een drooglosinstallatie. Grind wordt niet zelf gewonnen maar wel vervoerd.
Operationeel draait de vloot intensief — zes dagen per week, dag en nacht — maar het bedrijf loopt tegen toenemende knelpunten aan. Wachttijden bij sluizen, achterstallig of gebundeld onderhoud en stremmingen door stakingen in België zorgen voor dure vertragingen bij kapitaalintensieve machines. Daarnaast drukken stijgende brandstofkosten, vooral bij de zeezuigers, op de exploitatie, ondanks investeringen in verduurzaming (veel binnenvaartschepen zijn aangepast en de nieuwste hopper is diesel-elektrisch). Efficiënt varen en slimme planning helpen de marge te verbeteren, maar blijven uitdagend.
Van Ouwerkerk levert materiaal aan grote infrastructurele en woningbouwprojecten — bijvoorbeeld voor de nieuwe sluis in Terneuzen en bouwprojecten in Middelburg — en ziet watergebonden transport als een stabiele vraagmarkt. De belangrijkste sterktes zijn de geïntegreerde organisatie, langdurige relaties met schippers en snelle boord‑tot‑boord logistiek; de grootste bedreigingen zijn infrastructurele beperkingen, stijgende operationele kosten en onregelmatig onderhoud van sluizen en vaarwegen.