Zetschipper plast op gestolen lingerie van vrouwen aan boord
In dit artikel:
Een zetschipper die sinds maart 2025 op een 110 meter lang binnenvaartschip werkte, krijgt zijn baan niet terug nadat hij meerdere keren de grenzen overschreed: hij stal lingerie van vrouwelijke collega’s, plaste in zijn hut en bleek drugs bij zich te hebben. De eigenaren — een schippersechtpaar — ontsloegen hem op staande voet; de rechtbank Midden-Nederland heeft dat ontslag bekrachtigd en legde hem daarnaast een terugkeerverbod en financiële sancties op.
De bemanning bestond tijdens de reizen uit drie personen. Het eerste voorval vond plaats op 14 april 2025, toen de vrouwelijke schipper in zijn leegstaande hut een matras en kamer aantrof die ondergeplast waren en haar eigen verdwenen lingerie in die staat ontdekte. Hoewel de werkgever hem daarop een tweede kans gaf en hem naar een andere hut verplaatste, trad op 14 juli 2025 een nieuwe overtreding op: opnieuw werd urine aangetroffen in bed en laden, nu ook op gevonden lingerie van twee vrouwelijke collega’s, en bovendien werd er drugs aangetroffen. De combinatie van drugsbezit en de diefstal/het in urine aantreffen van lingerie leidde tot ontslag op staande voet en een directe inhouding van 589,39 euro op zijn loon als voorschot op schade.
De man voerde tegen de rechter aan dat hij een verslaving had en naar een afkickkliniek zou gaan, en stelde dat ziekte ontslagbescherming zou bieden. De rechtbank verwierp dat verweer: drugs zijn uitdrukkelijk verboden aan boord, en ziektegerelateerde ontslagbescherming geldt niet als iemand zich niet ziek meldt of chronisch ziekte niet heeft aangetoond. Bovendien kwalificeerde de rechter het stelen van lingerie en het onderplassen als ernstige (seksuele) intimidatie en een zware aantasting van privacy, veiligheid en seksuele integriteit, zeker omdat werk en privé aan boord nauw verweven zijn en het slachtoffer nog steeds last ervaart. Omdat de werknemer na een waarschuwing opnieuw in de fout ging en geen excuses maakte, vond de rechter dat ieder van beide gedragingen op zichzelf al een dringende reden voor ontslag vormde.
Uiteindelijk mag de zetschipper het schip niet meer betreden en moet hij ruim 9.000 euro betalen aan proceskosten, schadevergoeding en onterecht doorbetaald loon. Het oordeel onderstreept dat betrouwbaar gedrag en veiligheid aan boord zwaar wegen, zeker op kleine schepen waar vertrouwen cruciaal is.